Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    smos

    De beschrijving van deze term werd 5 keer aangepast.

    Versie 5

    smos
    (de ~, (v.), ~en)

    1. slet
    2. minnares van een getrouwde man

    1. Elke week heeft ze nen andere vent in haar bed liggen, ze is precies een smos aan ’t worden.

    Doe eens iets deftigs aan uw lijf. Het is niet omdat het goei weer is, dat ge er moet bijlopen gelijk een smos.

    2.De Jos had in totaal 10 kinderen, 9 bij zijn vrouw en 1 bij zijn smos.

    > zie andere betekenis van smos

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 19 okt 2018 12:31
    0 reactie(s)

    Versie 4

    smos
    (de ~, (v.), ~en)

    1. slet
    2. minnares van een getrouwde man

    1. Elke week heeft ze nen andere vent in haar bed liggen, ze is precies een smos aan ’t worden.

    Doe eens iets deftigs aan uw lijf. Het is niet omdat het goei weer is, dat ge er moet bijlopen gelijk een smos.

    2.De Jos had in totaal 10 kinderen, 9 bij zijn vrouw en 1 bij zijn smos.

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 30 sep 2016 15:58
    0 reactie(s)

    Versie 3

    smos
    (de ~, (v.), ~en)

    1. slet
    2. minnares van een getrouwde man

    1. Elke week heeft ze nen andere vent in haar bed liggen, ze is precies een smos aan ’t worden.

    Doe eens iets deftigs aan uw lijf. Het is niet omdat het goei weer is, dat ge er moet bijlopen gelijk een smos.

    2.De Jos had in totaal 10 kinderen, 9 bij zijn vrouw en 1 bij zijn smos.

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 20 dec 2013 15:11
    0 reactie(s)

    Versie 2

    smos
    (de ~, (v.), ~en)

    1. slet
    2. minnares van een getrouwde man

    1. Elke week heeft ze nen andere vent in haar bed liggen, ze is precies een smos aan ’t worden.

    Doe eens iets deftigs aan uw lijf. Het is niet omdat het goei weer is, dat ge er moet bijlopen gelijk een smos.

    2.De Jos had in totaal 10 kinderen, 9 bij zijn vrouw en 1 bij zijn smos.

    Provincie Antwerpen
    Bewerking door fansy op 16 mei 2013 04:16
    0 reactie(s)

    Versie 1

    smos
    (de ~, (v.), ~en)

    slet, minnares van een getrouwde man

    De Jos had in totaal 10 kinderen, 9 bij zijn vrouw en 1 bij zijn smos.

    Provincie Antwerpen
    Bewerking door fansy op 16 mei 2013 04:08
    0 reactie(s)

    Hulp gezocht!
    Wil je graag meebouwen aan de taalatlas van de Nederlandse taal?
    Taalverhalen zoekt nieuwe vaste correspondenten voor haar mini taalonderzoekjes.

    Leer je Nederlands?
    NedBox.be is een gratis website om op een leuke manier Nederlands te oefenen, via tv-fragmenten en krantenartikels.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.