Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    afgaan

    De beschrijving van deze term werd 5 keer aangepast.

    Versie 5

    afgaan
    (ww. ging af, afgegaan)

    - afzwakken, langzaam in sterkte of kracht minderen, afnemen,
    - verzwakken, achteruit gaan (gezondheid)

    zie andere definities van afgaan

    - Laat dat pillicht niet de hele tijd branden, dan gaan die pillen af en sebiet als ge het nodig hebt, dan marcheert (marcheren) dat niet meer.

    - Mijn schoonvader is door zijn ziekte heel hard afgegaan.

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 13 aug 2018 18:03
    0 reactie(s)

    Versie 4

    afgaan
    (ww. ging af, afgegaan)

    - afzwakken, langzaam in sterkte of kracht minderen, afnemen,
    - verzwakken, achteruit gaan (gezondheid)

    zie andere definities van afgaan

    - Laat dat pillicht niet de hele tijd branden, dan gaan die pillen af en sebiet als ge het nodig hebt, dan marcheert (marcheren) dat niet meer.

    - Mijn schoonvader is door zijn ziekte heel hard afgegaan.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 13 aug 2018 04:08
    0 reactie(s)

    Versie 3

    afgaan
    (ww. ging af, afgegaan)

    - afzwakken, langzaam in sterkte of kracht minderen, afnemen, – verzwakken, achteruit gaan (gezondheid)

    - Laat dat pillicht niet de hele tijd branden, dan gaan die pillen af en sebiet als ge het nodig hebt, dan marcheert (marcheren) dat niet meer.

    - Mijn schoonvader is door zijn ziekte heel hard afgegaan.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 06 jun 2017 11:56
    0 reactie(s)

    Versie 2

    afgaan
    (ww. ging af, afgegaan)

    afzwakken, in sterkte of kracht minderen, afnemen, achteruit gaan

    Laat dat pillicht niet de hele tijd branden, dan gaan die pillen af en sebiet als ge het nodig hebt, dan marcheert (marcheren) dat niet meer.

    Mijn schoonvader is door zijn ziekte heel hard afgegaan.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 26 aug 2014 13:06
    0 reactie(s)

    Versie 1

    afgaan
    (ww. ging af, afgegaan)

    afzwakken, in sterkte of kracht minderen, afnemen, achteruit gaan

    Laat dat pillicht niet de hele tijd branden, dan gaan die pillen af en sebiet als ge het nodig hebt, dan marcheert marcheren dat niet meer.

    Mijn schoonvader is door zijn ziekte heel hard afgegaan.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 26 aug 2014 12:57
    0 reactie(s)

    Hulp gezocht!
    Wil je graag meebouwen aan de taalatlas van de Nederlandse taal?
    Taalverhalen zoekt nieuwe vaste correspondenten voor haar mini taalonderzoekjes.

    Leer je Nederlands?
    NedBox.be is een gratis website om op een leuke manier Nederlands te oefenen, via tv-fragmenten en krantenartikels.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.