Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    mangelen

    De beschrijving van deze term werd 10 keer aangepast.

    Versie 10

    mangelen
    (ww. mangelde, gemangeld)

    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    meestal met voornaamwoord hem, haar,

    Van Dale 2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.

    “Het Brussels International Business Court moet in het Engels internationale geschillen oplossen. Maar juridisch mangelt er wat en de KMO’s dreigen in de kou te staan.” (Doorbraak 04/09/18)

    > zie andere betekenis van mangelen

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door de Bon op 06 sep 2018 14:09
    0 reactie(s)

    Versie 9

    mangelen
    (ww. mangelde, gemangeld)

    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    meestal met voornaamwoord hem, haar,

    Van Dale 2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.

    “Het Brussels International Business Court moet in het Engels internationale geschillen oplossen. Maar juridisch mangelt er wat en de KMO’s dreigen in de kou te staan.” (Doorbraak 04/09/18)

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door de Bon op 06 sep 2018 13:52
    0 reactie(s)

    Versie 8

    mangelen
    (ww. mangelde, gemangeld)

    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    meestal met voornaamwoord hem, haar,

    Van Dale 2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.
    “Het Brussels International Business Court moet in het Engels internationale geschillen oplossen. Maar juridisch mangelt er wat en de KMO’s dreigen in de kou te staan.” (Doorbraak 040918)

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door de Bon op 06 sep 2018 13:51
    0 reactie(s)

    Versie 7

    mangelen
    (ww. mangelde, gemangeld)

    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    meestal met voornaamwoord hem, haar,

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.
    “Het Brussels International Business Court moet in het Engels internationale geschillen oplossen. Maar juridisch mangelt er wat en de KMO’s dreigen in de kou te staan.” (Doorbraak 040918)

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door Marcus op 04 sep 2018 17:48
    0 reactie(s)

    Versie 6

    mangelen
    (ww. mangelde, gemangeld)

    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    meestal met voornaamwoord hem, haar, het

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.
    “Het Brussels International Business Court moet in het Engels internationale geschillen oplossen. Maar juridisch mangelt er wat en de KMO’s dreigen in de kou te staan.” (Doorbraak 040918)

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door Marcus op 04 sep 2018 17:47
    0 reactie(s)

    Versie 5

    mangelen, hem ~
    (ww. mangelde, gemangeld)

    hem, haar, het mangelen
    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    MNW: hem mangelen:
    Zich vereenigen, zich vleeschelijk vermengen, vleeschelijke gemeenschap oefenen.

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.
    “Het Brussels International Business Court moet in het Engels internationale geschillen oplossen. Maar juridisch mangelt er wat en de KMO’s dreigen in de kou te staan.” (Doorbraak 040918)

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door Marcus op 04 sep 2018 17:45
    0 reactie(s)

    Versie 4

    mangelen, hem ~
    (ww. mangelde, gemangeld)

    hem, haar, het mangelen
    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    MNW: hem mangelen:
    Zich vereenigen, zich vleeschelijk vermengen, vleeschelijke gemeenschap oefenen.

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 14 okt 2014 03:02
    0 reactie(s)

    Versie 3

    mangelen, hem ~
    (ww. mangelde, gemangeld)

    hem, haar, het mangelen
    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    MNW: hem mangelen:
    Zich vereenigen, zich vleeschelijk vermengen, vleeschelijke gemeenschap oefenen.

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 14 okt 2014 03:02
    0 reactie(s)

    Versie 2

    mangelen, zich ~
    (ww. mangelde, gemangeld)

    hem, haar, het mangelen
    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    MNW: hem mangelen:
    Zich vereenigen, zich vleeschelijk vermengen, vleeschelijke gemeenschap oefenen.

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief. Daar moet hij geld voor hebben om ze te kunnen onderhouden en dat mangelt hem ook.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 14 okt 2014 02:35
    0 reactie(s)

    Versie 1

    mangelen, zich ~
    (ww. mangelde, gemangeld)

    hem, haar, het mangelen
    tekort hebben, mankeren, missen in de betekenis van ‘het niet hebben van’

    VD2014 online: Belgisch-Nederlands, weinig gebruikt afwezig zijn bij, ontbreken

    MNW: hem mangelen:
    Zich vereenigen, zich vleeschelijk vermengen, vleeschelijke gemeenschap oefenen.

    Hij heeft alles, het enige dat hem mangelt is een goei lief.

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door fansy op 14 okt 2014 00:04
    0 reactie(s)

    Developers gezocht!
    De code achter het Vlaams woordenboek heeft dringend een update nodig.
    Wil je deze website graag mee een nieuw leven geven? Ik zoek een team adoptieouders.
    Stuur me een e-mailtje als je wil helpen, merci!

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.