Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wees welgekomen | Willekeurig | Top woorden | Recent

    bie, de ~ jallen

    De beschrijving van deze term werd 8 keer aangepast.

    Versie 8

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is rip en de bie” (vgl. ribbedebie)

    “De bie steken: snel de vlucht nemen, snel wegloopen.” bij Cornelissen-Vervliet (Antwerpen en Kempen), Lievevrouw-Coopman (Gent), Debrabandere (Kortrijk)

    De bie steken zou volgens De Bo (1973) komen van:
    “Den bijs steken, de bijze steken, en hier of daar ook den bies steken, de bieze steken, en zelfs de bie stelten, driftig aan ’t loopen gaan gelijk eene koe die de bremzen (fr. taons) hoort ronken, snel vluchten, aan ’t bijzen gaan. De koe stak den bijs in de weide.”

    Jallen: zie reactie

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)

    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)

    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door de Bon op 07 apr 2019 14:25
    1 reactie(s)

    Versie 7

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    “De bie steken: snel de vlucht nemen, snel wegloopen.” bij Cornelissen-Vervliet (Antwerpen en Kempen), Lievevrouw-Coopman (Gent), Debrabandere (Kortrijk)

    De bie steken zou volgens De Bo (1973) komen van:
    “Den bijs steken, de bijze steken, en hier of daar ook den bies steken, de bieze steken, en zelfs de bie stelten, driftig aan ’t loopen gaan gelijk eene koe die de bremzen (fr. taons) hoort ronken, snel vluchten, aan ’t bijzen gaan. De koe stak den bijs in de weide.”

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)

    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)

    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door de Bon op 07 apr 2019 14:22
    1 reactie(s)

    Versie 6

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    “De bie steken: snel de vlucht nemen, snel wegloopen.” bij Cornelissen-Vervliet (Antwerpen en Kempen), Lievevrouw-Coopman (Gent), Debrabandere (Kortrijk)

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)

    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)

    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door de Bon op 07 apr 2019 14:08
    1 reactie(s)

    Versie 5

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)

    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)

    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door de Bon op 13 jul 2018 19:21
    1 reactie(s)

    Versie 4

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)
    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)
    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door de Bon op 17 dec 2013 12:15
    1 reactie(s)

    Versie 3

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    pist, de ~ in zijn

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)
    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)
    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door de Bon op 17 dec 2013 12:15
    1 reactie(s)

    Versie 2

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)
    In een ik en een gij (op een ik en een gij) was zij de bie. (weg, foetsie)
    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door fansy op 21 mei 2012 22:55
    1 reactie(s)

    Versie 1

    bie, de ~ jallen
    (uitdr.)

    (Bargoens) weggaan, weglopen

    Ook wel met ww. “zijn” of (minder algemeen) “stikken”.
    Van iemand die er plots niet meer is, zei men “hij is RIP en de bie” (vgl. ribbedebie)

    Jal de bie, jong! (maak dat ge weg komt)
    In een ik en een gij was zij de bie. (weg, foetsie)
    De bie stikken. (hard weglopen)

    Provincie Limburg
    Bewerking door petrik op 19 mrt 2010 12:45
    1 reactie(s)

    Hulp gezocht!
    Wil je graag meebouwen aan de taalatlas van de Nederlandse taal?
    Taalverhalen zoekt nieuwe vaste correspondenten voor haar mini taalonderzoekjes.

    Leer je Nederlands?
    NedBox.be is een gratis website om op een leuke manier Nederlands te oefenen, via tv-fragmenten en krantenartikels.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.