Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wijzigingen door Marcus

    geworeg
    (bn.)

    waakzaam, attent, uitspraakvariant van gewarig
    In de Kempen ook gewaorig.

    De geburen hebben nen hond, ne fox, die is geweldig geworeg.

    Regio Hageland
    Bewerking door Marcus op 31 Mar 2016 06:50
    1 reactie(s)

    gewarig
    (bijv. nw.)

    zie ook geworeg
    ENG: “wary” (idem)

    WNT gewarig GEWARIG (II) bnw. Waakzaam. Vooral van honden. Gewest. in Vl.-Belgiƫ en Z.-Nederl.
    < de stam “waren” die men terugvindt in bijv. bewaren

    “Wanneer de labrador natuurlijk recht springt en op haar afkomt, kan het niet anders dan dat ze recht springt om te reageren (niet agressief maar gewarig).”
    (w.dogsfriendly.be/mijnforum)

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door Marcus op 31 Mar 2016 06:49
    4 reactie(s)

    naaste
    (bn.)

    volgend, eerstkomend
    zie ook: naarste, teneustejoar, neuste, noste

    bij tijdsaanduidingen

    Jef zit in ’t zesde studiejaar. Hij mag ’t naaste jare naar ’t middelbaar.
    Te naaste week is ’t vakantie

    Gans Vlaanderen
    Bewerking door Marcus op 31 Mar 2016 06:10
    8 reactie(s)

    daal
    (bijwoord)

    neer, naar beneden

    meestal in combinaties met overgankelijke en onovergankelijke werkwoorden:
    in het overgangsgebied tussen Limburg en Brabant (Diest bijv.)
    Hageland, ook wel in Haspengouw
    zie ook kop, uwe ~ komen daal te leggen, daalgaan

    Zet oech daal en drinkt iets.
    (Zet u neer en drink iets.)

    Legt oere boek daal, we gaan naar huis.
    (Leg je boek neer, we gaan naar huis.)

    Provincie Vlaams Brabant
    Bewerking door Marcus op 30 Mar 2016 15:56
    0 reactie(s)

    daalgaan
    (ww. ging daal, is daal gegaan)

    vallen, neergaan, ten val komen
    zie ook daal

    De man stak de straat over en ineens ging hij daal, midden op de weg!
    Zie maar dat ge niet daalgaat, met uw zotte toeren!

    Provincie Limburg
    Bewerking door Marcus op 30 Mar 2016 15:54
    2 reactie(s)

    Nieuwe versie!
    Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze GitHub.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.