Definitie

Status:Onbekend

vlak, open, vol

uitspraakvariant: blek

vnw: vlak, effen (van velden)

Woordenboek der Nederlandsche Taal:
Modern lemma: blak
bnw. Hd. blach. Gewoonlijk beschouwd als een bijvorm van vlak.
Daar waait geen bries — 't is blak op zee, Ten Kate (1850).
NL: Blakstil: waarnaast bladstil, volkomen stil (op zee)
”De wimpel hing druipend neer; weldra werd het blakstil”, V. Lennep (1850)

in Vlaanderen: Open
dikwijls als bepaling van gesteldheid bij een werkwoord.
In Noord-Vlaanderen is de streek blak (open)en bloot: Toen wij op den heuvel waren, lag de stad blak en bloot voor ons: De Bo (1873)

Zie ook: blak en bloot, blakke, ten ~ komen, blakke zon

Voorbeelden

Die chocolat zal nogal smelten in de blakke zon.

Zonder bescherming moet ge niet in de blakke zon lopen of liggen.

andere betekenis van blak

Toegevoegd door fansy - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 29 Oct 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025