Definitie

Status:Onbekend

  1. profijt hebben bij : winst, voordeel, tijdwinst
  2. profijt doen: goedkoper af zijn
  3. uitdr.: 'ergens (geen) profijt mee doen': ergens (geen) winst mee doen (financieel voordeel of tijdwinst)

Van Dale online:
pro·fijt (het; mv: profijten)
1.voordeel, nut, winst
synoniem(en): voordeel
? voorbeelden: profijt trekken van iets

Voorbeelden
  1. Hij doet dat niet zo maar vrijwillig, hij heeft er profijt bij.
  2. Vanaf tien stuks gaat er 15% van de prijs af, dan doe je profijt.
  3. De zelfgemaakte verse gelei verkopen aan 1.5€ per 370gram? Dat zal wel zijn, daar doe ik geen profijt mee.

Toegevoegd door moomer - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 04 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025