stookhout

het ~, geen mv. onz. zelfst. nw.
Definitie

Status:Onbekend

brandhout

Zie ook stook, vuurkestook

Van Dale 2014 gewestelijk

Voorbeelden

Mijn vader kocht elk jaar een lot stookhout van [den heer] van Pulderbos. Dat gebeurde op een koopdag in het café van Lieneke van de smid.

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 10 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025