kapper

de ~, ~s, man. zelfst. nw
Definitie

Status:Onbekend

maatbeker met handvat om vloeistof af te meten

zie ook kappen, omkappen

WNT: kapper: dikwijls in den vorm van het verkl. Alleen in Z.-Ndl.

  1. De naam van een drinkglas dat ongeveer 1/4 liter inhoudt:
    Kapper, glas van een halve pint, het vierde van een liter, schuerm. (1865-1870).
  2. Als vochtmaat:
    Kapper, oude vochtmaat, wat meer dan het vijfde van eenen liter, corn.-vervl. 'Ne kapper smout. 'Ne kapper olie. Ald.
Voorbeelden

De boerin deed altijd een extra kapper melk in mijn kitteke.

Toegevoegd door Marcus - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 24 Jul 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025