Definitie

Status:Onbekend

voorvoegsel gebruikt in samenstellingen om aan te geven dat iets ouderwets is, van lang geleden
ook: op grootmoeders wijze

vgl. bomma

zie ook bommastijl

Voorbeelden

"Bommakachels weg, de toekomst is pelletverbranding in automatische, gestandaardiseerde toestellen" (vrt.be)

De resultaten waren dan ook navenant. ,,Mottig, antiek, bommakleren met sjaaltjes'', karakteriseert Magda De Meyer de voorgestelde modellen. (nieuwsblad.be)

Ook op de Odisee/KU Leuven-campus in Gent werd tijdens de afgelopen blok- en examenperiode een gezellige blokhut in bommastijl ingericht als ontmoetingsplek voor de studenten. (persruimte.stad.gent)

Voor schoenen met steunzolen kwam ik onlangs terecht bij Mertens in Leuven. Zeer aangename verkoopsters. Ik dacht er 'bommaschoenen' te vinden, maar niets is minder waar. (balansopofaf.wordpress.com)

Over een jaar of tien wordt haar smaak gegarandeerd een 'bommasmaak' en niet te pruimen voor de jeugd ;-). (forum.zappy.be)

Mijn zus kwam op het mooie idee om afgelopen week samen te komen en bommaeten te maken. (gerhildemaakt.be)

Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 11 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025