Definitie

Status:Onbekend

opgescheept met iets of iemand

uitspraak in Antwerpen: gezjaard

Woordenboek der Nederlandsche Taal: In de verbinding gezjeerd zijn met, opgescheept zitten met, last hebben van.
Met iemand of met iet gezjèèrd zijn, er mede geplaagd zijn, Cornelissen-Vervliet (1903).

  • Ik wil met dieë' last nie' gezjeerd zijn, Ald.
  • Wij zijn alle dagen me' vremde katten gezjerd, Ald.
  • Ik ben nie' geren me' zoo 'nen zageman gezjard, Ald.
Voorbeelden

Hij kwam maar efkes iets halen, maar we zaten er heel de avond mee gezjaard.

Toegevoegd door de Bon - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 10 Aug 2021 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025