Terug naar vorige pagina
Definitie

Status:Onbekend

uit zijn (goede) doen zijn

vnw: uit zijn plooi zijn: niet in zijn plooi zijn, uit zijn gewone doen zijn, niet lekker zijn, zich niet lekker voelen

vgl. [plooi, weer op ~ zijn]

Voorbeelden

Beste ouder. De staking van woensdag aanstaande 13 februari brengt het schoolleven niet uit zijn plooi. (sintamandusschoolmeulebeke.be)

Bij de ernst van de situatie past een uitgestreken gezicht dat niet uit de plooi mag vallen. (nieuwsblad.be)

Toegevoegd door Georges Grootjans - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 03 Dec 2024 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025