zun

p.vnw., onderwerpsvorm derde persoon meervoud
Definitie

Status:Onbekend

zij (meervoud)

< Woordenboek der Nederlandsche Taal:
Z'hun, zijlieden. In de provincie Antwerpen.
Z'hun, vrnw. — Zijlieden, nominatief van den 3n pers. mrv. Deze onmogelijke taalvorm wordt door velen te Antwerpen gebruikt, Cornelissen, Bijvoegsel (1938).
"Z'hun hebben het me verteld", Aldaar.
"'t Zijn z'hun die 't gedaan hebben", Aldaar.

zie ook zolle, zeulle

Voorbeelden

Zun denke da. (Zij denken dat)

Toegevoegd door Kerel - VL-WBK 1.0

Gepubliceerd op 28 Jul 2025 Laatst bijgewerkt op 18 Dec 2025