Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.
beplakken, besmeuren
vgl plakplaaster
Uwe trui is nogal beplaasterd. Gij zijt aan ’t schilderen geweest zeker?
Kleine kindjes met een open pot choco of gelei en heel uw tafel is beplaasterd.
> andere betekenis van beplaasteren
gips
< Oudfrans: plastre < Latijn plastrum.
Woordenboek der Nederlandsche Taal: plaester: oudste attestatie: Limburg, 1240
- papje van verschillende kruiden dat over een wond gelegd wordt
- gipskalk die op muren en pfafonds wordt gestreken.
In het Middelnederlands is plaester zoogoed als uitsluitend in gebruik, gelijk nog heden in het Vlaamsch plaaster de gewone vorm is.
Naast en in plaats van Plaaster is sedert het begin der 17de E. in gebruik gekomen Pleister, doch de oude vorm is in Zuid-Nederland en in vele Nederlandse dialecten in gebruik gebleven.
zie ook plaasteren, beplaasteren, plaasterkalkpap
vgl plakplaaster
Mijn gebroken been moet zeker 6 weken in de plaaster blijven.
We hebben van onze handen een plaasteren afdruk gemaakt.
fig.: iemand die blijft plakken, niet vlug weggaat, niet vlug naar huis komt
zie ook plekijzer
De Jean is een echt plakijzer, om halftwee is em binnengekomen en nu zit hij hier nog.
Die plakijzers aan de toog zijn ondertussen een deel van het meubilair van het café.
> andere betekenis van plakijzer
het werkinstrument dat metsers en plekkers gebruiken om plaaster of mortel aan te brengen en om de oppervlakte gelijk te schuren
NL: plakspaan, raapbord
Het is handig om een plakijzer te gebruiken bij het plaasteren van de muren.
> andere betekenis van plakijzer
Nieuwe versie!
Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze
GitHub.