Vlaams Woordenboek logo

Het Vlaams woordenboek


Index

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Log in

Registreer als nieuwe gebruiker om het Vlaamse Woordenboek op zijn best te kunnen gebruiken. Als ingelogde gebruiker kunt ge bijvoorbeeld nieuwe termen aan ons woordenboek toevoegen, andermans definities verbeteren, en reageren op bestaande definities.

Uw gebruikersnaam
Uw geheime paswoord

  • Log in
  • Wijzigingen door de Bon

    dul
    (bn.)

    kwaad, boos

    Van Dale 1995: gewestelijk
    Van Dale 2018: dul
    < 1599, ver­kort uit duil
    3. niet al­ge­meen boos

    Je moet je niet dul maken, er is niets gebeurd.

    > andere betekenis van dul

    Provincie West-Vlaanderen
    Bewerking door de Bon op 08 Mar 2019 13:38
    0 reactie(s)

    brak
    (bn. )

    Brak is het Antwerps/Kempisch (jeugd) woord voor de staat na de dronkenschap, ook wel de kater genoemd. Kan ook staan voor zware vermoeidheid.

    “Kzen echt zo brak, kheb al twee keer moete spauwen.”

    “Heel den dag gewerkt, kzen brak !”

    “Bert, ge hed echt den brakste kop van vlaanderen”

    > andere betekenis van brak

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 08 Mar 2019 13:09
    5 reactie(s)

    brak
    (bn.)

    1. heel zout: ‘zo zout als brak’ (in deze uitdrukking ook gebruikt in Antwerpen stad)
    2. zuur, uitdr.: brak, zo zuur als ~.
    3. goor
    4. zoet: zie zo zoet als brak

    1. Dat water van de patatten is precies brak. Hoeveel zout hebt ge erin gedaan?

    2. Kapt (kappen) die pap maar weg, die is brak.

    3. Dat afwaswater is brak, laat maar proper water lopen voor de potten af te wassen.

    De aquarium van dien ouwe veva moet dringend ververst worden. Het water is brak geworden. Ge ziet de vissen amper zwemmen.

    > andere betekenis van brak

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 08 Mar 2019 13:06
    0 reactie(s)

    brak
    (bn. )

    1. de staat na de dronkenschap, een kater = SN
    2. zware vermoeidheid, oep zijn
    3. lelijk

    1. “Kzen echt zo brak, kheb al twee keer moete spauwen.”

    2. “Heel den dag gewerkt, kzen brak !”

    3. “Bert, ge hed echt den brakste kop van vlaanderen”

    > andere betekenis van brak

    Regio Antwerpse Kempen
    Bewerking door de Bon op 08 Mar 2019 13:05
    5 reactie(s)

    brak
    (de ~ (m.), ~ken)

    kwajongen, straatbengel
    brakkevolk, braker(m.)-braak (v.)

    (woord is verouderd in genoemde regio)
    in Lier wordt dit nog gebruikt: ook brakkejoeng

    (vroeger zong men) De school is uit, de school is uit, de brakken komen truit!

    > andere betekenis van brak

    Regio Haspengouw
    Bewerking door de Bon op 08 Mar 2019 13:05
    0 reactie(s)

    Nieuwe versie!
    Er is een nieuwe versie van het Vlaams Woordenboek online. Mocht je problemen ondervinden, gelieve deze te melden op onze GitHub.

    Het Vlaams woordenboek  |  Concept en realisatie door Anthony Liekens

    Creative Commons License

    Het Vlaams Woordenboek by Anthony Liekens is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 4.0 International License.